De angst om taalfouten te maken

taalfouten

Taalfouten? We maken ze allemaal wel eens. Een tekst die je honderd keer gelezen hebt blijkt een week later, bij het nog een keer nalezen, tóch een fout te hebben.
Bestaat de perfecte tekst eigenlijk wel? Zelfs ervaren tekstschrijvers, journalisten en redacteuren maken wel eens een fout. 
Zelf let ik veel meer op de inhoud, de boodschap én het gevoel. Taalfoutjes zie ik wel maar ik stoor mij er niet aan. 
De grote vraag is, wat is een taalfout?
En hoe onvergeeflijk is hij?

 

De ene fout is de andere niet

Fouten zijn snel gemaakt. Ik heb bijvoorbeeld de neiging om heel snel “ene” te typen in plaats van “een”. Dat komt ook omdat ik niet met 10 vingers type maar met slechts een paar (een tekortkoming, maar ik kan het wel razendsnel!). Van deze fouten ben ik mij bewust en na afloop scan ik mijn tekst hier op.
Foutjes als een “e” teveel los je snel op met de spellingschecker.

Fouten in namen vind ik in de categorie onvergeeflijk passen. Omdat het een kleine moeite is om de naam te checken en deze correct te spellen. Als iemand “Jolanda” of “Jolande” schrijft i.p.v. “Yolanda” dan vind ik dat niet fijn.

Fouten in spelling komen veel vaker voor. Beruchte fouten zijn natuurlijk de bekende “d”, “t” en “dt”.
Maar wist je dat veel (hoogopgeleide) mensen het vaak niet eens opmerken? Omdat er echt een hele grote groep is die hier moeite mee heeft. Regelmatig zie ik staan “ik wordt”. Doet dat voor mij afbreuk aan het verhaal?  Nee hoor. Ga ik dit melden bij de schrijver? Nee. Waarom niet? Omdat ik zelf ook fouten maak, ik schrijf ook geen perfecte teksten en ik ben geen taalpurist. Ik vergeef het dus.

Een ander verhaal wordt het als spelfouten in documenten zitten van bijvoorbeeld bedrijven. Daar mag je van aannemen dat ze het wel 10x checken voordat het de deur uitgaat. Zoals bijvoorbeeld brieven van de gemeente of van een energieleverancier als de Nuon (om maar wat te noemen).

Een offerte van een (zelfstandig) ondernemer moet naar mijn mening wél zonder fouten, want dat is echt je visitekaartje. Net zoals bijvoorbeeld een sollicitatiebrief. Deze teksten worden grondig doorgelezen en alles wordt meegewogen (kleine kanttekening, het hangt natuurlijk af van het soort baan).

Hoe onvergeeflijk de fouten gevonden worden hangt dus af van de afzender, de soort tekst en het medium. De lezer bepaalt in dat kader hoe erg een fout is.

 

 

 

 

De “taalnazi”

Tijdens mijn trainingen hoor ik regelmatig dat iemand niet durft te schrijven. Dat de angst terug gaat naar de basisschool tijd. Dat zit heel erg diep, deze schrijfangst. Daarom is Bloggen Zonder Tekst ook zo fijn, het geeft lucht omdat het ook op een andere manier kan.

Belangrijk is om jouw eigen doelgroep, jouw ideale klant, te kennen. Hoe vergevensgezind is zij als je een fout maakt? Maakt ze gelijk gehakt van je of gaat het bij haar ook om de inhoud en de boodschap (natuurlijk moet je het niet te bont maken). Schrijven leer je pas door te doen, door regelmatig te schrijven. Van fouten leer je, zeker als je opbouwende kritiek krijgt.

Zo heb ik ook weleens een mail van iemand gekregen n.a.v. een nieuwsbrief die ik had gestuurd. Ze had diverse foutjes ontdekt en zij stoorde zich daar heel erg aan (niet genoeg om zich uit te schrijven overigens). Dat was voor mij een bevestiging dat ik er meer de tijd voor moest nemen, het nakijken was er namelijk deze keer bij ingeschoten. Met deze mail van haar als gevolg. Ik heb daar geen problemen mee.

 

Hoe met taalfouten om te gaan?

In het begin doet elk kritiekpuntje pijn, dat is nu eenmaal zo. Belangrijker vind ik opbouwende kritiek, daar kun je als ontvanger tenminste wat mee. Leer je nog wat van.

Onderstaand Facebook bericht heb ik een keer gemaakt toen ik, natuurlijk net nadat ik de mail verstuurd had, een stomme fout ontdekte. Met de billen bloot, haha. Het leverde wel leuke reacties op.

 

 

Fouten maken we allemaal, is niet erg. Laat je dat niet weerhouden door vanuit je gevoel te schrijven, want dan raak je iemand.

 

Lol hebben om taalfouten op de site Taalvoutjes.nl

Een website die zijn bestaansrecht ontleent aan taalfouten is Taalvoutjes.nl.
Het is soms echt hilarisch! Volg ze op Facebook of Twitter.

De oprichters, Inger Hollebeek en Vellah Bogle, zijn ooit begonnen met een Facebookpagina voor kennissen en vrienden. Het werd een regelrechte hit. Nu is er de site en bestaat er, sinds 2013, een heuse Stichting Taalvoutjes.

 

taalfouten
Klik op de afbeelding om naar de site van Taalvoutjes te gaan.

 

7 Tips om taalfouten te voorkomen

 Een 7-tal eenvoudige tips om de grootste fouten uit je tekst te halen.

  • Tip 1: Laat de tekst gewoon een dag rusten, een frisse blik doet wonderen.
  • Tip 2: Laat iemand anders je tekst nalezen of laat hem redigeren.
  • Tip 3: Lees de tekst (langzaam) hardop voor, je hoort direct waar de zin niet lekker loopt.
  • Tip 4: Google woorden waarover je twijfelt.
  • Tip 5: Lees de uitgeprinte tekst op zijn kop, je gaat dan heel geconcentreerd lezen en haalt zo de fouten eruit.
  • Tip 6: Vergroot je tekst op je beeldscherm naar 200%, dan vallen fouten ook veel meer op.
  • Tip 7: Als laatste redmiddel kun je een zin zo omschrijven dat het (werk)woord er niet meer in zit, dan ben je van alle problemen af.

Heb je hier allemaal geen zin dan kun je het ook uitbesteden. De verschillende mogelijkheden hiervoor heb ik uiteen gezet in het artikel Blog uitbesteden: geheel of gedeeltelijk.

 

3 Handige sites die je verder helpen

Tot slot een drietal handige sites:

 

Samenvattend

Laat je niet ontmoedigen door taalfouten. Door veel te schrijven leer je en gaat het steeds beter. Pas de 7 eenvoudige tips toe om de grootste fouten eruit te halen.
Belangrijker nog is om erachter te komen wat het met jouw ideale lezer doet. Worden de fouten vergeven of krijg je elke keer lik op stuk? Ook geen probleem want daar kun je wat aan doen (zie de eerder genoemde 7 tips).

Mijn artikel is zeker niet perfect. De boodschap en de strekking wel.
Aan jou in hoeverre jij mijn fouten vergeeft…

 

Wat doen taalfouten bij jou?

 

 

4 Comments

    • Precies! Soms, als ik iets zie staan waarvan ik weet dat de doelgroep van deze ondernemer zich wel stoort, zal ik een persoonlijke mail sturen. Maar altijd opbouwend. Omdat ik zelf ook weet hoe hard iets in tekst over kan komen. Lang leve de emoticions om er wat gevoel in te brengen 🙂

  • Ik zie het ook als opbouwende kritiek. Als een verbeterpunt, al kan ik op dat moment wel even door de grond zakken van schaamte. Het heeft ervoor gezorgd dat ik mijn blogs niet schrijf en gelijk publiceer. Ik laat het een dagje liggen en kijk het nog eens door. Langzaam lezen woord voor woord en achterstevoren lezen is ook een tip die ik gekregen heb. Ook de lay -out even veranderen kan helpen je spellingfouten te zien.
    En tja er zijn er die zich er zo aan storen, maar zelf niets durven te publiceren. Natuurlijk is het ons handelsmerk en ik doe nu elke dag via een website een oefening in grammatica. Maar meer kan ik er even niet aan doen toch? Of stoppen?

    • Een dag laten liggen werkt heel goed. Achterstevoren lezen is ook een goede tip. Soms kan zelfs een ander lettertype helpen, dan ben je ook weer scherp.
      Door regelmatig te schrijven ontstaat er een eigen stijl en ga je ook steeds meer leren. Oude fouten gaan er uit.
      Niet je verhaal vertellen uit angst een fout te maken is zeker geen optie!

Geef een reactie

Het e-mailadres wordt niet gepubliceerd. Vereiste velden zijn gemarkeerd met *